lange haren

Birma

Het vervolg......

Vanuit Bagan de bus gepakt naar Mandalay. Heerlijk vind ik dat, die
busreizen.......meestal.
Altijd weer benieuwd wat we te zien krijgen onderweg.
Landschap is erg afwisselend. Meren, rivieren, uitgestrekte vlaktes, bergen
op de achtergrond. Komen door kleine plattelandsdorpjes. Paar zandstraten,
veel fietsers, ossekarren, paardewagens. Lokale vervoer bestaat uit soort
pick-ups die uitpuilen van de passagiers. Door iedere opening steekt wel een
arm of been. Ze hangen achterop, zitten opgefrot op het dak. En maar blijven
lachen. Rij levende kippen aan de zijkant van de pick-up, op hun kop met
pootjes vastgebonden aan een touw.
Busraampje open, wind door mijn haren, discman aan, zonnetje in mijn
gezicht, genieten van hetgeen aan mijn ogen voorbij schiet. Wat een leven!

Vanuit Bagan de bus gepakt naar Mandalay. Heerlijk vind ik dat, die
busreizen.......meestal.
Altijd weer benieuwd wat we te zien krijgen onderweg.
Landschap is erg afwisselend. Meren, rivieren, uitgestrekte vlaktes, bergen
op de achtergrond. Komen door kleine plattelandsdorpjes. Paar zandstraten,
veel fietsers, ossekarren, paardewagens. Lokale vervoer bestaat uit soort
pick-ups die uitpuilen van de passagiers. Door iedere opening steekt wel een
arm of been. Ze hangen achterop, zitten opgefrot op het dak. En maar blijven
lachen. Rij levende kippen aan de zijkant van de pick-up, op hun kop met
pootjes vastgebonden aan een touw.
Busraampje open, wind door mijn haren, discman aan, zonnetje in mijn
gezicht, genieten van hetgeen aan mijn ogen voorbij schiet. Wat een leven!

Voordat ik over Mandalay iets ga schrijven wil ik eerst even een
omschrijving geven van de doorsnee Birmees:
Man: blouse, rok en slippers. Voor de volwassenen onder hen de typische twee
a drietal gigantisch lange haren op kin of wang. Deze enkele haren bereiken
een niet al te geringe lengte van soms wel 7 cm. En ieder keer weer beginnen
mijn vingertjes te jeuken als ik oog in oog sta met zo'n man. Ieder keer
weer die neiging om er een flinke ruk aan te geven. En dan het ergste....het
gebit. Of tenminste, ik verwacht dat er zich ergens in die holte onder die
rode prut nog enkele tanden bevinden. Met die 'rode prut' bedoel ik dan de
inmiddels bekende 'beetle', drugs in de vorm van kauwtabak.
Vrouw: kleding zo'n beetje same, same. Bijna allemaal hebben ze gigantisch
lang, zwart haar dat ze opdraaien en vervolgens fixeren met een, hoe
praktisch, ordinaire kam. Ze smeren hun wangen, neus en voorhoofd in met
geel spullie. Niets anders dan sap van een specifieke boom dat opdroogt op
de huid en als zonnebrand functioneert.

Mandalay....grote stinkstad waar arme mensen, gezeten tussen kilo's en
kilo's aardappelen en uien, een paar centen proberen te verdienen met de
verkoop.
's Avonds toevallig op een kermis terecht gekomen. Bestaande uit een paar
draaimolens, reuzenrad (maar dan in het mini), mensen die achter kleine
bakkraampjes zelfgemaakte snacks verkopen en enkele ballonnenverkopers.
Niets automatische of electronische aandrijving. Alles met de menselijke
hand draaiende houden. Als een dolle rondjes lopen om die draaimolen gaande
te houden. Ieder bakje van het rad een flinke duw geven en er vervolgens aan
gaan hangen om het tot stilstand te brengen. Intussen staat er een jochie
met fluit in de mond op zijn horloge te kijken en klinkt het signaal als de
'draaitijd' voorbij is. Welkom op de Birmese kermis!

Dagje een taxi gehuurd. Nou ja.....Birmese taxi, wel te verstaan. Oftewel
een mini-mazda niet veel groter dan zo'n fiat-gebakje die je wel eens over
de Nederlandse wegen ziet scheuren. Met zijn vieren opgevouwen achterin de
laadbak. Enkelen sites bezocht, niet echt het vermelden waard. Op 1 ding na.
Op een gegeven moment liepen we via een brug over een groot meer. Daarop
zaten verscheidene bedelaars. Meeste met flink misvormde ledematen.
Schaaltje voor hun neus. Allemaal spreken ze je aan, uiteraard. Zo ook een
manneke van rond de 65 jaar.
Dikke glimlach op zijn gezicht.....money?? Dikke glimlach van mij
terug....nee! Ik loop door, hoor ik hem nog zeggen....are you sure??!!
Kijk om, zit hij gewoon nog steeds met zijn dikke, vette glimlach rond zijn
mond. Tjonge, jonge......wat een heerlijke humor ondanks zijn zeer penibele
levenstoestand! Ik kan niet anders dan bewondering hebben voor zo'n man. Zo
wordt je persoonlijk wijzer van het reizen.

Dagtripje naar Mingun, een oude stad. Aangezien we daarvoor een stukje de
rivier af moesten een relaxte boottocht gehad, waarbij we een glimp op
hebben kunnen vangen van het rivierleven in Birma.
Mingun heeft als hoofdattractie Mingun Paya. Het had 's werelds hoogste
tempel moeten worden, maar door omstandigheden zijn ze niet verder gekomen
dan de basis die maar liefst 50 meter hoog is. Zo is het niet meer dan een
gigantisch groot stenen, vierkant gebouw met aan alle zijden hoge openingen
die als doorgang dienen. Een aardbeving in het verleden heeft ervoor gezorgd
dat het monument dikke scheuren bevat. En dat maakt het nu juist zo gaaf!
Via een afgebrokkelde hoek beklim je de zedi vanwaar je een prachtig
uitzicht hebt over de rivier.
De andere attractie is een enorme, gietijzeren kerkklok. Aardig om te zien
en te horen als je in de klok staat, maar wat ik veel interessanter vond
waren de drie vrouwelijke monnikken die met hun donatieschaaltje bij de
ingang zaten. Alledrie al aardig op leeftijd. En lachen dat ze deden, dat
zelfs hun maar liefst vier overgebleven tanden duidelijk zichtbaar werden.
Joekel van een sigaar in de mondhoek...voila!

Nu ik het toch over monnikken heb, even het volgende.
Overal op straat kom je ze tegen. Kleintjes van 7 tot ouderen van 70. Mannen
in rode gewaden, vrouwen in roze.
Rond 6.00 in de ochtend zie je er tientallen met hun zwarte schaal in de
armen over straat lopen. Keurig in een rij, de kleinste voorop. Zo gaan ze
hun eten voor die dag bij elkaar halen. Bedelen mogen ze niet, dus wat doet
de lokale bevolking? Gaan met hun bakken rijst en groente her en der langs
de weg staan, het rijtje loopt langs en een voor een krijgen ze een flinke
schep in hun schaal. Perfect!
Tijdens het aanschouwen komt bij mij echt een respectvol gevoel naar boven.
Het heeft gewoon iets.
De ochtenddauw die optrekt, die mannekes op een rij, het boedhistisch
geprevel van de dankbare monnik tegen de gulle gever.....magic.

Wederom.......

 

...... wordt het vervolgd.

Na weer een vermoeiende busrit van elf uur in Nyaungswe aangekomen.
Heerlijk rustig, klein dorpje gelegen tussen twee bergketens in de buurt van
Inle Lake, een groot meer in Birma.
Wat door het dorp gekuierd met zijn vele smalle kanaaltjes. Aan de rand van
het dorp is het een drukte van jewelste. Mensen vanuit de zogenaamde
'meerdorpjes' komen in hun kano naar 'de grote stad' om hun ver- en inkoop
te doen.

In de namiddag voor een tweetal uurtjes een kano gehuurd. Stukje het kanaal
afgevaren richting Inle Lake en via de kanaaldorpjes terug. Wat een rust.
Dorpje is dan ook niets anders dan een tiental hutjes op hoge palen met een
loopbrugje naar een klein eilandje waar, omgeven door een houten hek, zich
een varken met vriend de kip bevindt. Zich verplaatsen van A naar B gaat
uiteraard met behulp van een kano. De hutjes weerspiegelen helder in het
rimpelloze water. Kano met een paar monnikken komt voorbij glijden.
Tegen zonsondergang een wijdse plek opgezocht met veel waterlelies en al
dobberend wederom genoten van een fabelachtige zonsondergang. Af en toe komt
er een Burmese al luid zingend in een kano voorbij peddelen. In de verte
zijn de mannen een poging aan het wagen om een vis te vangen. Meer woorden
hoef ik niet te gebruiken......

Volgende dag de stoute schoenen aangetrokken en een wandeltocht gemaakt door
de heuvels rondom Inle Lake. Via twee hilltribe-dorpjes naar een monastry
gelopen langs rijst- en korenvelden, met mooie verzichten op het meer dat
maar liefst 22 km lang en 11 km breed is.
Onderweg gestopt bij een grot waar al een tijdje twee monnikken wonen.
Kregen kopje thee aangeboden waar ik bijna in stikte toen een van de
monnikken een luide boer liet die nog even na-echode in de holle ruimte.
Na de rest van de thee zonder moeite naar binnen te hebben gegoten onze
tocht vervolgd. Aangekomen in de monastry kregen we onze lunch geserveerd
bestaande uit de, voor mij inmiddels oh zo bekende, noodlesoup en bananen.
Drie jonge monnikken zaten ons van een afstandje nieuwsgierig aan te kijken.
Ik had nog enkele echte, Hollandse dropjes over. Aangeboden aan die jochies
en na enig aarzelen kwam er eentje op ons afgestapt om een dropje te pakken.
Meteen terug naar zijn vriendjes en met veel interesse werd het onbekende
voorwerp aan alle kanten bekeken. Voorgedaan wat ze ermee moesten doen (heb
ik niet zoveel moeite mee) en uiteindelijk verdween het dropje in zijn mond.
Proberen duidelijk te krijgen of dat hij het lekker vond. Lukte niet
helemaal aangezien ze geen woord Engels spreken. Maar aan zijn nonverbale
gedrag te zien werd het me wel duidelijk dat hij er niet echt intens van
genoot. Na vergeefse pogingen om hem te zeggen dat hij het gerust uit mocht
spugen, kwam hij uiteindelijk zelf op dat briljante idee na een paar minuten
zijn kaak nog geen millimeter bewogen te hebben.

Vervolgens een heel wat minder inspannend dagje, oftewel onszelf in een
motorbootje rond laten varen over Inle Lake. Als eerste ergens een markt
bezocht. Heel gaaf, weinig touristen. Werkelijk alles wordt er verkocht.
Viel me op dat het er allemaal redelijk hygienisch uitzag; tenminste in
Aziatische termen dan.
In India en Nepal heb ik het wel eens anders gezien. Daar kruipt het
ongedierte over het bloederige vlees en zwermen de strontvliegen rond de
uitgestalde hersenen en darmen.
Verschillende hilltribe-mensen met hun typische klederdracht bezoeken de
markt. Wordt druk gehandeld.
Naast het bezoeken van de verschillende werkplaatsen waar ze kleding,
sieraden en sigaren maken met name genoten van het rivierleven en de mooie
natuur.

Met het rondje Inle Lake namen we tevens afscheid van Birma. Tenminste,
Johan en ik. Jos en Chantal bleven nog wat langer om een meerdaagse trekking
te gaan doen. Daar hadden wij geen zin in dus... Bus terug naar Yangon waar
we het rondje Birma ook waren begonnen.
Vliegtuig naar Bangkok en meteen door naar, hoe kan het ook anders, Ko
Phangan. De periode met Johan in stijl afgesloten op het tropische eiland.
Onze dagen gevuld met luieren, duiken en snorkelen.

Voor Johan riep de werkplicht al iets eerder dan voor mij, dus hij terug
naar Holland. Chantal kwam de volgende dag met Jos aan op Ko Phangan. Ook
Jos moest het paradijs na twee dagen alweer verlaten en zo waren we weer
terug bij af.....lekker met zijn tweetjes. Heerlijk om onze periode samen zo
af te sluiten.
Nog even een fullmoonparty meegepikt en mijn rescue-duikcursus gedaan.

Tja, en zo komt aan alles een einde. Ook aan mijn gigantische trip. Op 11
december het vliegtuig richting Amsterdam gepakt en uiteindelijk de 12de
vroeg in de ochtend geland.
En, en ,en.......zullen veel van jullie zich afvragen......hoe is het om
weer terug te zijn? Nou..................

Zoals jullie via de mail hebben kunnen volgen is het een fantastische trip
geweest. Heb ontzettend veel meegemaakt en gezien en het
belangrijkste...volop genoten. Het is een ervaring die niemand mij ooit
afneemt en die ik voor de rest van mijn leven bij mij draag.
Ook mede dankzij jullie is het zo geweldig geweest. De trouwe mailtjes, de
post, de enthousiaste reacties op mijn avonturen.....BEDANKT
IEDEREEN!!!!!!!!! Heerlijk was het om mijn inbox te openen en dan te zien
dat er weer vele berichtjes waren aangekomen. En nu zit de 'grote
avonturierster' met een brok in haar keel en waterige oogjes de lettertjes
in te typen. Ok mooi!

Voor degene onder jullie die graag een keer de hele mooie foto's zouden
willen zien die bij al de indrukwekkende avonturen horen......schroom niet
en bel op 06-xxxxxxxx of 0xx-xxxxxxx.

Rest mij nog te zeggen: HO, HO, HO.........en een spetterend 2002!!!

Liefs Lotte.

December 2001, Lotte

Menu