el Altar, Ecuador
24 oktober 2003
EL ALTAR (5319 m.)
Glimlachend bij deze prachtherinneringen bij het verbijsterende uitzicht op de Cotopaxi vlogen we verder. Langzaam verdween de Cotopaxi uit het zicht en niet veel later passeerden we de ontwaakte rook en as uitspuwende Tungurahua(5016 m.) die met zijn activiteiten de +/-/ 20.000 koppen tellende inwoners van het relaxte stadje(en toeristentrekpleister)Banos de stress bezorgd. In 1918 ontwaakte deze vulkaan en in 1999 vond er een behoorlijk serieuze eruptie plaats maar zonder catastrofale gevolgen;enorme rookwolken en hoeveelheden as werden woedend uitgespuwd door deze gigant waarna hij door de overheid op red alert werd gezet met als gevolg dat de 20.000 inwoners geevacueerd moesten worden onder veel protest. Het toerisme zakte allicht ook tot het nulpunt. In de tijd dat de inwoners elders ondergebracht werden patrouilleerde het leger om een oogje in het zeil te houden maar deze soldaten vormden juist de bedreiging waar ze in de 1e plaats bescherming tegen moesten bieden. Illegaal achtergebleven inwoners waren er getuige van hoe soldaten de achtergelaten bezittingen van Banos-inwoners stalen. Niet veel later forceerden de inwoners zich een weg de stad in en de regering hief de red-alert situatie op en zette de vulkaan op orange alert. Nu kunnen toeristen vanuit Banos s
ávonds met een tour-agency mee om de vulkaan in het duister te zien gloeien. M'n mond viel bijna open toen we de el Altar voorbij kwamen. Deze berg is een 1000 jaar geleden geimplodeerd,de westwand stortte in en sindsdien heeft de berg 9 pieken en een schitterend,helgroen kratermeer omringd door de steile,vergletsjerde rotswanden,je kijkt dus letterlijk IN de berg. Als een kroon lag íe op de Ecuadoriaanse Paramo. Probeerde de hoogste van die 9 pieken,de Obispo(Aardsbisschop) op 5319 m.,eruit te zoeken. Stond hier op 26 oktober samen met een gids uit Riobamba bovenop. De reden om die berg te doen was niet zozeer vanwege de top maar voornamelijk om es op grote hoogte te gaan ijsklimmen Verdomd jammer dat Marko niet beschikbaar was,hij deed mee aan een duathlon(run-bike-run)elders in het land dus hadden ze een gids uit Riobamba voor me ingehuurd. Na een wederom gezellig avondje bij Jessica thuis,een Amerikaanse leuke griet die als manager voor de organisatie 'world teach' werkt, ik al een poosje liep te 'daten' en in een mooi koloniaal huis woonde nabij het centrum van Quito(bier en wijn drinken in bed,muziekje erbij terwijl de regen tegen het gewapende glas aantikte enzo...)gingen we deze gids ophalen in zijn hometown met een 4 x 4. Onderweg zat ik me weer te vergapen aan de Chimborazo die gezien vanaf de snelweg nog enorm indrukwekkend afsteekt en alles en iedereen klein maakt,echt ongelofelijk zo groot. Met zicht op deze gigant en de Tungurahua reden we de heuvels in over een modderige weg. Op een 3000 m. zag ik herders,boeren,ezels,spelende kinderen,typische Ecuadoriaanse highland-people met op de achtergrond een van de steile,puntige toppen van de el Altar,een prachtgezicht. Op een 3600 m. werden Raul(gids) en ik gedropt en we zetten onze tent op om er achter te komen dat de lucifers nat waren,konden we verdomme geen voer bereiden,PUTA! Van enkele locale bewoners kregen we hun Choza's toegewezen,hutten van de oorspronkelijke Campesino's opgebouwd van palen,adobe(mengsel van modder en riet) en riet. In eentje konden we boven een vuur koken,in de ander konden we slapen. We kregen de lucifers aan de praat en onder een dak van rook en bij een knappend houtvuurtje begon Raul bergverhalen te vertellen over o.a. de Aconcagua. Ik zou in februari volgend jaar deze berg gaan beklimmen en hij had ém reeds gedaan en ook via de 'normaal-route' Op 5000 m. liepen ze in een wind van ruim 80 km./h toen de donsjack van een van zijn klimmaten openscheurde bij zijn rug. Aan het eind van de dag,op camp Alaska op 5180 m. werd deze jongen ziek en knapte s'nachts ook niet op,zijn toestand verslechterde met het uur. Hij daalde af naar het basiskamp 'Plaza de mulas' terwijl Raul en overige consorten de berg beklommen,sávonds om 18:00 de top bereikten en om 20:00 bivakkeerden in het houten hutje op camp Berlin op 5900 m. De dag erop keerden ze terug in Plaza de Mulas waar hun zieke kameraad hen feliciteerde en 10 minuten later lag hij dood in zijn slaapzak. De volgende morgen het gehuurde paard beladen,dagrugzak om en off we go door de grasbegroeide heuvels van het desolate Sangay national park. Vooral van de oorspronkelijke Ecuadoriaanse fauna is hedendaags nog maar weinig over,een voorbeeld en oorzaak daarvan is het in opdracht van de regering planten van een boomtype waarvan het hout geexporteerd wordt naar Australie en de economie van Ecuador zou bevorderen maar op de lange termijn negatieve effecten heeft op de Ecuadoriaanse grondmineralen etc. Een klein plantje met ronde,groene bladeren wat sterk naar de badschuimkorrel riekte werd gebruikt om thee van te brouwen wat gezond voor de buik bleek te zijn. Boven de groenbegroeide rotsen rechts van ons cirkelden in de verte 2 condors. De tocht was schitterend en na enkele uren liet de eerste besneeuwde top zich zien vanaf ongeveer 3350 m. De 'Monga'(monnik) die de eennahoogste van de 9 pieken vormt. Niet veel later openbaarde de 'Obispo' zich. Als een geweldig,met sneeuw en ijs bedekt kartelmes stak hij boven een steil rotsmassief en de zacht glooiende groene heuvels uit. 'Vamos a escalar la ruta izquirda en el Obispo',we gaan de route aan de linkerzijde van de Obispo-top doen en bekeek hem eens met mijn verrekijker ;Fuck,steile shit ! Op 4000 m. aangekomen kon ik links over de prachtige,uitgestrekte groene vallei kijken die we doorkruist hadden en rechts keek ik naar 3 sprookjesachtige meren;laguna 'estrella', laguna 'Verde' en laguna 'Azul'.(Ster,Groen en Blauw) Het grootste laguna 'Azul' lag er enorm fraai bij,onder aan de voet van de Altar-gletsjer waar het gevoed werd door enkele smeltwatervalletjes. Liep daar met de soundtrack van 'Lord of the rings' in m'n oren weer een diepere betekenis van het leven te ervaren. Het relaxte gevoel wat hier m'n hoofd komt binnenwaaien krijg ik nergens anders. Op 4800 m. de bagage van het paard af en de laatste meters naar het op ruim 4800 m. gelegen camp Italy(dezelfde hoogte als de top van de Mont Blanc) via wat rotsen omhoog geklauterd en de tent opgezet. De jonge herders keerden terug met hun paard en zouden over 3 dagen weer terugkomen. Tegen het eind van de middag trok de lucht potdicht en begon het te onweren,eerst nog ver weg maar al snel stond Thor ons pal boven onze tent uit te kafferen,fel en frequent bijgelicht door de bliksem. Ik antwoordde Raul's vragen terwijl íe met een cursus Engels bezig was en hij de mijne over de Spaanse taal,we bereidden onder de buitentent onze rijst met tonijn terwijl de onweersbui begeleidt werd door natte sneeuw en hagel die het tentzeil als drumstel gebruikte. Om 06:30 maakte Raul me enthousiast wakker,moest buiten komen kijken! Ik stapte de tent uit een prachtige,heldere morgen van de 25e oktober in. Ten zuiden stond tientallen kilometers verderop de eveneens mooie,kegelvormige Sangay,gister was íe nog onzichtbaar,nu hadden we er crystalclear zicht op. Deze vulkaan behoort tot de actiefste vulkanen ter wereld en hij maakte gelijk zijn naam waar door binnen 2 minuten een rookpluim uit te stoten. We ontbijtten en maakten ons op voor een tocht over de gletsjer en om een wand iets ten westen van de 'Obispo' te gaan beklimmen,een soort sneeuw-en ijs-'geul' tussen 2 droge rotswanden in. Vanaf de bovenkant van die wand zouden we een blik 'in' de el Altar kunnen werpen en het 'Amarillo'-meer kunnen zien,het helgroene kratermeer. Het werd een relaxed tochtje over de gletsjer langs een paar fraaie spleten en vervolgens 60- a 70 graden(mixed,rots en ijs) klimwerk.Tijdens de klim stelde ik voor aan Raul om toch maar aan het touw te gaan,ben niet bepaald een veteraan en een slide hier op deze wand word niet bepaald pijnloos vergeven. Toen we inmiddels ruim 100 meter boven de gletsjer tegen de 70 graden steile wand aan stonden bond Raul me regelmatig uit,OF hij had zoveel vertrouwen in me,OF hij was een slechte gids OF ik ben een schijtluis,had in Oostenrijk toch anders geleerd en gezien. Rond twaalven bereikten we de rand,zetelden neerop wat rotsen en in 1e instantie zag ik alleen maar mist en mist. Maar enkele minuten later,pfff,fuck me man!,de wolken verdwenen langzaam,de wand onder me,aan de binnenkant van de berg,kon ik simpelweg niet zien,enkel een enorme leegte die een duizelingwekkende 2000 meter onder me eindigde. Het 'Amarillo'-meer (Geel) schitterde daar in de diepte omringd door deels vergletsjerde,ruige,steile rotswanden,door de opening in de westwand van de berg,waar íe dus is ingestort,zie je een enorme vallei. Raul stelde voor om langs de 2 kilometer hoge steile wand aan de binnenkant te gaan traverseren voor de 'fun',crazy son of a bitch en daar ging íe zonder touw!Als je nu valt dacht ik dan heb je ruim een halve minuut om je Ecuadoriaanse reet vaarwel te kussen voordat je daar beneden de grond raakt. Een paar minuten later kwam íe terug;'no possible'. Lekker abseilen naar beneden waar het weer helemaal dichttrok dus terug naar het tentje en spaghetti met worstjes op de brander. Na het eten allebei een rotspiek uitgezocht en van de magnifieke zonsondergang genoten,de Sangay barstte nog een keer uit onder de feloranje lucht en de Chimborazo stond ten westen enorm te zijn terwijl de horizon geel kleurde boven de inmiddels bijna inktzwarte Paramo. Had Raul er vanmiddag drie keer op betrapt dat íe de karabiner waarmee hij me zekerde niet dicht had geschroefd en hij bond me regelmatig uit,niet echt de normale gang van zaken bij een opgeleidde berggids. Dit zou de steilste beklimming worden die ik ooit had geprobeerd tijdens m'n weinige 2 jaar ervaring die ik had dus toen we om 19:00 gingen slapen speelden m'n zenuwsnaren een partij hogere tonen,kon de slaap er moeilijk van vatten. Om 02:30 maakte Raul me wakker,kleding aan,ontbijt,kop koffie en op naar de gletsjer. Het klimmateriaal,gordels,stijgijzers,touw,karabiners etc. hadden we gister achtergelaten vlakbij de gletsjer in een nis in de rotsen. Aangebonden onder een (goddank) kraakheldere hemel de gletsjer op terwijl de hemel verderop regelmatig fel oplichtte door een voor ons stille onweersbui die woedde op veilige afstand. Na een half uurtje ging het omhoog en kwamen we uit bij een steile rotspartij van een 80/85 graden,3 meter. 'Hooh puta!' vloekte Raul terwijl ' voorklom en vocht met het korte maar technisch stukje.Raul had een klein rood lampje aan zijn rugzakje bevestigd zodat ik ém in het nachtduister kon zien,dat lampje verdween op een gegeven moment en ik vroeg;'Raul,are you oke,Whoaah!Puta!!',ging het ergens van boven terwijl er tegelijkertijd een partij ijs naar beneden kwam. Effe later hing ik er al eveneens een gezonde portie verbaal Brabants vlees tegen die rots te slingeren. Hierna kon de klimpret beginnen;60- a 70 graden steil omhoog over sneeuw en firnijs om telkens na een touwlengte van 30 meter gedaan te hebben helemaal buiten adem bij Raul uit te komen,we zaten inmiddels boven de 5000 meter. De zonsopkomst zette in en verlichtte langzaam het onherbergzame Sangay National parc onder ons. 'Putaa!!!' ging het weer terwijl Raul zich ditmaal omhoog vocht met zijn rechterstijgijzer in een met ijs bedekte 'schoorsteen' van een 40 cm. breed met erlangs een 90 graden steile rotswand waar íe met zijn linkervoet op balanceerde en ondertussen uitkijken dat we tijdens dat trajectje onze hoofden niet stootten tegen de uitstekende rotspunten van de wand rechts langs dat geultje cq schoorsteentje. Na een steile partij mixed rots,sneeuw en ijs achter de rug te hebben kwamen we op 5230 meter uit op een vergletsjerde slope/kam die de zojuist beklommen wand verbond met de uiteindelijke Obispo-top,een 90 meter hoger nog en nog aan het zicht onttrokken. Aan de zuidkant liep de wand goed steil af dus hielden we de meer toegankelijke noordkant aan. En wat was het uitzicht fabuleus hiero!! We keken wederom in de berg naar het Amarillo-meer in de diepte,in de verte,ten noorden stond als een enorme doemberg de Tungurahua rook en as uit te spuwen terwijl op hetzelfde moment in het zuiden de immer actieve Sangay op een dito manier antwoord gaf.Fantastisch! Twee 'giants of nature' die me effe een goeiemorgen wensen wittewal! Achter de Tungurahua konden we in de verdere verte de 2 pieken van de Antisana en de Chimborazo boven het wolkendek uit zien steken. Terwijl ik een snickertje voor de glimlach nam kon Raul het niet laten om met zijn mobieltje z'n chica in Riobamba te bellen. De laatse 'gully' was vrijwel constant 75 a 80 graden steil,vet klimmen dus. Boven aangekomen op ruim 5300 meter en een 15 meter onder de top ging ik effe zitten,aan beide kanten liep het duizelingwekkend steil naar beneden. De 90 graden steile rotspartij voor m'n neus vormde het laatste traject naar de top,pfffffff! Met een knoop in m'n buik zag ik Raul aan de klim beginnen,balancerend met zijn stijgijzers op minuscule uitstulpingen in de wand of op misschien 2 of 3 cm. brede richeltjes werkte hij zich een weg omhoog. Na een 4 meter verticaal te hebben geklommen traverseerde hij een 5 meter naar rechts waar hij een standplaats maakte. Ik zou het zonder stijgijzers proberen en strontnerveus stapte ik op een met sneeuw bedekt,smal rotsplateuatje en begon aan de eerste move terwijl de 2 kilometer diepe afgrond onder me gaapte. Had sowieso nog niet veel ervaring met rotsklimmen laat staan met deze dikke D-schoenen plus m'n zenuwen waren nog niet echt gestaald genoeg voor dit werk dus besloot ik het hier voor gezien te houden en ging terug naar de laatste standplaats,vertrouwde Raul ook niet voor 100% in zijn zekermethoden wat ook aan de onzekerheid bijdroeg. Als ik tijdens die moeilijke traverse zou komen te vallen zou ik eerst een eindje naar rechts zwiepen en kon ik me flink bezeren en dan hadden we una problema. Raul gooide me het touw toe en de Riobambaanse mafketel ging zonder touw,ongezekerd verder. Had deze berg uitgekozen voor het steile klimwerk en de top was in eerste instantie m'n doel ook niet echt maar fuck!....zo dichtbij. En Raul die bleef maar weg,een kwartier,half uur,drie kwartier en geen antwoord op mijn geroep. Het was al 20 minuten geleden dat íe me vanaf de top effe had toegejuicht. Verdomme,als íe omlaag is geflikkerd zit ik hier mooi te kijken met een touwtje van een 30 meter en een 400 meter verticale lengte onder me,zag het al helemaal voor me. Kreeg van die donkere gedachten maar na de tiende keer schreeuwen gaf Raul eindelijk een keer antwoord.Pffff. 'Puta,PUTA!!,hoooh puta!!!!',vloekte hij terwijl íe met de wand stond te worstelen terwijl de afgrond onder hem gaapte maar hij kwam goddank heelhuids aan en de afdaling kon beginnen. Tijdens het abseilen riep íe tijdens de 2e touwlengte of ik me nog OK voelde,'ja hoezo?',riep ik terug. Hij wist een alternatieve weg omhoog naar de top en wees naar de rotswand rechts langs de steile ijswand waarlangs we afdaalden. Eerst 2 meter steil en bijna overhangend via droge rots omhoog en toen even 75 graden omhoog wat me goed afging en ja hoor,op het idiote tijdstip van 11:45 stonden we beiden op de Obispo-top,de 5e hoogste top van Ecuador. Zonder gids had ik dit dus nooit klaargespeeld,en naklimmen is sowieso een heel ander verhaal maar allicht errug gaaf om daar te staan op 5319 meter! De zon stond al hoog aan de hemel de ijswanden te bestoken met zijn lichtstralen. Tijdens het abseilen langs een steil stuk vroeg Raul of ik even stevig kon gaan staan en een bijl goed vast in het ijs wou rammen,hij moest me even uitbinden. De bijl zat met een bandschlinge aan mijn pols vastgemaakt. Terwijl Raul met het touw stond te kloten schoot ik (inmiddels uitgebonden) uit met mijn beide stijgijzers en kwam aan de bijl te hangen terwijl ik tientallen meters langs de wand omlaag kon kijken. Had het gevoel alsof ik zojuist een 150 vlinders levend door had geslikt. Tijdenas een ander steil traject sloeg Raul het touw om een rotsblok met een diameter van ruim een meter ofzo,ik moest eerst enkele meters via een enkele meters hoge ijswand van 90 graden afdalen waarna het weer overging op 75 graden firnijs. 'Despacio(rustig/langzaam),Jos',zei Raul. 'This...' en hij wees naar het rotsblok en maakte een kiele-kiele gebaar. Ah!Da's me een pak om m'n Eindhovens hartje!Godverdomme!Bij een eventuele val en dat blok zou me niet houden dan zou ik niet alleen een dikke 100/150 meter naar beneden bolderen,da blok van een 200 kilo ofzo zou ook nog es achter me aan komen donderen,gratis en voor niks! Maar het ging goed,kwam ook niet te hangen. Had bewondering voor Raul,OF hij klom ongezekerd naar beneden,OF hij zekerde zichzelf tijdens sommige moeilijkere trajecten,hij had het extra zwaar. Bij het laatste lange traject moesten we extra goed oppassen omdat de sneeuw hier op de weg naar boven al zacht was en nu nog es extra zacht onder de warme zonnestralen. Hier waren vorig jaar een Spanjaard en een Japanner hun dood tegemoet gevallen,steenval,uitgegleden,ze weten het niet. Water spetterde op m'n hoofd of klaterde onder me door,we waren echt veel te laat nog op de berg. Blij en opgelucht stapte ik uiteindelijk weer op de 'vlakke' gletsjer en blikte nog es omhoog naar de top ver boven me en de steilste route die ik tot dusver had geklommen. We bonden ons uit en Raul sloeg het touw om zijn schouder,hierna zakte ik nog een keer tot aan m'n kruis in de sneeuw boven een spleet,bezorgde me effe de doodschrik,maar de sneeuw was erg massief dus wurmde me er weer uit en 14 uur nadat we vannacht het basiskamp verlieten was dit spannende avontuur achter de rug. Raul vertelde me tijdens de wandeling over de morenen naar het basiskamp dat zijn vrouw was bevallen van hun zoon in de Whymper-hut op de Chimborazo op 5000 meter,had 'ie z'n zoon Edward Whymper genoemd!De mafkees!Hahaha! Een fikse jaap op m'n linker neusvleugel zou een eeuwige herinnering worden aan de el Altar in de vorm van een nauwelijks zichtbaar littekentje. Tijdens de klim kreeg ik een van mijn ijsbijlen een keer niet uit het ijs,gaf er een krachtige ruk aan en maakte de vette beginnersfout door mijn gezicht niet weg te keren,kapoenk!Die bijl tegen mijn naas!Waarna Raul me even later met grote ogen aankeek;'Que pasar amigo!!??' Had de rode pegels aan m'n neus hangen. De volgende dag in een 4 uurtjes teruggelopen terwijl de 16- en 17-jarige Ecuadoriaanse inlandertjes,die het lastpaard hoedden,regelmatig droog riet of gras in de fik staken om de grond vruchtbaar te houden voor toekomstige begroeiing voor de paarden. Grijze rookwalmen pluimden boven de heuvels uit.Raul wees me een uitstekende rots tegen de bovenkant van een heuvelwand aan;'Monstergezicht noemen ze hem. De rots keek inderdaad als een enorme trollenkop over de vallei uit,de contouren Van de ogen,neus en mond waren duidelijk herkenbaar. De mannekes droegen rubberlaarzen,een vuile spijkerbroek,een jack met daarover een typische,dikke sjaal over hun schouders. De el Altar heette vroeger Capacurco(Capa=majestic,curcu=mountain),waarom deze naam is veranderd naar Altar is onbekend. De legende over het instorten van de berg gaat dat de Tungurahua,een vrouwelijke berg,een relatie zou hebben met de mannelijke reus Chimborazo maar overspel pleegde met Mr. Altar. Mr. Chimborazo,de hoogste van Ecuador,overziet alles,ook dat en beukte de westwand van naughty Altar deruit. Nu ligt de Altar er ingestort bij en Miss Tungurahua rouwt om haar ingestortte geliefde middels 'woedende en gefrustreerde' erupties. Onderweg naar Quito in de auto van Patricio,eveneens een gids die ons kwam halen,belde Jessica me op via het mobieltje van Patricio en nodigde me uit om dezelfde avond te komen eten bij haar thuis met haar moeder en zus die haar op waren komen zoeken en flink gekokkereld hadden,pasta,salades,sauzen,vleesballetjes,wijn,bier en veel van alles!!!! En dan nu de Galapagos-eilanden!!